Beleggen (en dan niet je boterham)

 

Peaks_003_01_X1_0040

Beleggen is een typisch klok-klepel-verhaal. De meesten weten wel een beetje wat het is, maar eigenlijk ook weer helemaal niet. En dat terwijl veel mensen wél al beleggen, ook al doen ze dat niet altijd bewust.

be·leg·gen (belegde, heeft belegd)
2: (geld) aan iets besteden waarvan je hoopt dat het in waarde zal stijgen: zijn geld in aandelen beleggen.

Volgens Van Dale is een belegging een vorm van een investering waarbij iets – meestal geld –  wordt vastgelegd voor langere of kortere tijd met als doel om in de toekomst financieel voordeel te behalen.

Grote kans dat je al eens hebt belegd, of aan het beleggen bent. Als je in loondienst bent, bouw je meestal pensioen op, en beleg je zo indirect. Jouw opzij gezette geld gaat dan naar een pensioenfonds, waarin het door mensen met kneiterveel verstand van zaken wordt belegd. Of misschien heb je wel een huis gekocht. Dan ben je in feite ook aan het beleggen, maar dan in vastgoed. Je koopt een huis in de hoop dat het op den duur meer waard wordt dan toen jij het kocht.

Tot zover de onbewuste belegger. Waar stoppen bewuste beleggers hun geld, tijd en een beetje hoop in? De meeste van hen kopen een (mini-mini)gedeelte van een bedrijf, aandelen, of lenen geld aan grote bedrijven of overheden. Hun rendement is dan winst of rente.

De echte cowboys van beleggingsland investeren in andere dingen zoals kunst, wijn of oldtimers. Dat is wel echt een tandje erbij, want om daar succesvol in te zijn moet je veel verstand van zaken hebben (of heel goed zijn in doen alsof).

In alle gevallen geldt: om veel rendement te kunnen behalen zul je veel geduld moeten hebben. Beleggen doe je niet voor een maandje of drie, maar eerder voor een jaartje of tien.