Jan (72): “Een seizoenskaart van Ajax is me meer waard dan een paar centen”

Jan, een man van 72 in zijn huis

“Elf jaar geleden besloot ik eerder dan gepland met pensioen te gaan, zodat ik nog wat tijd met mijn ongeneeslijk zieke vrouw door kon brengen. Helaas stierf zij drie dagen voor mijn laatste werkdag. Daar sta je dan, zonder vrouw, zonder werk. Het was alleen m’n hondje en ik.

En dus ging ik weer aan het werk. Niet voor het geld, ik doe het vrijwillig. Om onder de mensen te zijn. Elke doordeweekse dag breng ik het brood van de bakker bij mij in de buurt langs bij zijn vaste klanten. Ik rijd een vaste route door heel Amsterdam en Ouderkerk aan de Amstel. Rond een uur of tien ben ik daar klaar mee en dan ga ik meestal naar m’n andere baantje.

Al jaren werk ik bij Ajax, bij de materialen. Van de jeugd tot de seniorenteams, iedereen ken ik daar. Van de spelers van het eerste elftal maak ik de schoenen schoon, ik vet ze in en leg hun kleding neer voor de volgende training. In het weekend ontvang ik de tegenstanders. Ik heb dus geregeld contact met grote spelers. Af en toe maak ik wel een praatje, maar meestal laat ik ze met rust. Die jongens moet je lekker laten voetballen, die hebben al genoeg aan hun kop met de pers enzo.

Mocht m’n Canta ermee ophouden, dan los ik het op met m’n spaargeld

Ik doe dit werk ook niet voor het contact met bekende spelers, maar gewoon om onder de mensen te wezen. En ik krijg er een boel voor terug: ik heb een seizoenskaart en krijg kleding van Ajax. Dat is me veel meer waard dan een paar centen.

M’n hele leven heb ik pensioen opgebouwd, waar ik het aardig mee uit kan zingen. Vooral aan vakanties, eten en bloemen geef ik geld uit. Ik heb altijd een paar vazen met verse bloemen in huis staan. Freesiaatjes of iets anders wat niet zo snel verlept. Rozen zijn prachtig maar die gaan niet zo lang mee. Iedere vrijdag koop ik twee mooie bossen voor op de graven van mijn vrouw en mijn moeder, zus en broer, die bij mekaar liggen. Daar ben je zo dertig euro aan kwijt.

Een oud collega van me heeft belegd en dat heeft ‘m bijna 15.000 euro gekost. In één keer zo’n groot bedrag weg, zonde! Ik ga daar m’n vingers niet aan branden hoor. Mocht m’n Canta of ijskast ermee ophouden, dan los ik het op met m’n spaargeld.”